Regelgeving en beleid

Verenigingswerk

Context

In het Zomerakkoord van 2017 stond voor Open VLD het onbelast bijklussen centraal op de agenda. Hiermee willen ze zoveel mogelijk zwart geld ‘wit maken’ en tewerkstelling stimuleren.

Daarnaast kwam de specifieke vraag om vrijwilligersvergoedingen te verhogen, vanuit de sectoren sport en amateurkunsten. Zij ervaren de geplafonneerde vrijwilligersvergoedingen vaak te laag om hun leden naar believen te vergoeden. Ze riepen verenigingswerk (onderdeel van onbelast bijklussen) in het leven, om het spagaat tussen een vrijwilligersvergoeding vs. betaald werk te verkleinen. Hiermee zorgen ze voor een tussenoplossing/vergoeding.

Het onbelast bijklussen bestaat uit drie onderdelen:

  1. Burger tot burger (bijvoorbeeld schilderwerkjes bij je buurvrouw opknappen). De professionele schilder is hier mogelijks niet gelukkig mee, omdat hij hierdoor mogelijks opdrachten verliest. Er bestaat een aparte lijst van activiteiten die hieronder vallen.
  2. Deeleconomie (bijvoorbeeld Deliveroo). Er bestaat een aparte lijst van activiteiten die hieronder vallen.
  3. Verenigingswerk: zie onderstaande. Er bestaat een aparte lijst van activiteiten die hieronder vallen. Voor het onbelast bijklussen in de zorgsector zijn specifieke kwaliteitseisen opgenomen.

Het kind moet een naam hebben

Inmiddels doken verschillende benamingen voor het verenigingswerk op in de praktijk; semi agoraal statuur, vrijetijdswerk,… Om misverstanden en foutieve benamingen de wereld uit te helpen klopten ze af op de terminologie ‘verenigingswerk’. Hetgeen meerdere organisaties duiden als een verwarrende term omdat de meesten leden van verenigingen hun bijdragen niet connoteren met de ideologie van betaalde arbeid.

De definitie van verenigingswerk luidt als volgt: dit zijn betaalde diensten voor socioculturele verenigingen zonder winstoogmerk of voor feitelijke verenigingen. De diensten mogen niet professioneel zijn en moeten op de lijst van toegelaten activiteiten staan.

Timing

De uitwerking van het zomerakkoord in het parlement sleepte aan tot na nieuwjaar 2018. Ondertussen groeide het protest vanuit het middenveld. Werd hier geen oneerlijke concurrentie georganiseerd tegen de kleine zelfstandige, En ondergraaft dit niet het vrijwilligerswerk? Normaliter ging het verenigingswerk op 20 februari 2018 in voege maar net voor de stemming riep het parlement van de Franse gemeenschap in Brussel, de COCOF een belangenconflict in. Op woensdag 30/05/2018 is er een overleg tussen regionale en federale regering. Daar werd vastgesteld dat de procedure is uitgeput en het wetontwerp weer naar het federaal parket kan.Dit is inmiddels federale materie. Ten laatste tegen september 2018 zou de wet van kracht moeten zijn.

Verenigingswerk vs. vrijwilligerswerk

Verenigingswerk wordt afgezet tegenover vrijwilligerswerk. Vrijwilligerswerk is vrij en zonder verplichting. Het is onbezoldigd en niet belastbaar. Wel worden gemaakte kosten terugbetaald. Dit kan op twee manieren. Via een vast bedrag (€34,04 per dag, met een maximum van €1361 per jaar) en vervoerskosten of via het terugbetalen van bewijsstukken. Er bestaat een vrijwilligerswet en een Steunpunt vrijwilligerswerk. Een vrijwilliger beschikt over een vrijwilligersstatuut. Dit is niet zo voor het verenigingswerk.

Voor verenigingswerk word je wel betaald en het is dan ook formeler. Je moet voldoen aan de voorwaarden. Je mag niet voor dezelfde vereniging vrijwilliger zijn en betaald bijklussen, tenzij je echt helemaal niets krijgt voor je vrijwilligerswerk (dus ook geen vergoeding voor je onkosten).

Wat kan ik verdienen/moet ik betalen voor verenigingswerk?

Je mag maximaal 500 euro per maand (met een maximum op jaarbasis €6000) verdienen met bijklussen. In dat bedrag zijn eventuele verplaatsingskosten en onkosten inbegrepen. Dit bedrag wordt vrijgesteld van de belastingen. (Voor sportclubs is er intussen politieke consensus om dat maandelijks plafond op te trekken naar 1000 euro).

Deze bedragen gelden voor de drie soorten klussen () samen. Je mag dus 500 euro per maand en 6.000 euro per jaar verdienen met je activiteiten voor andere burgers, verenigingen en deeleconomieplatformen samen.

Niet iedereen kan aan verenigingswerk doen

Enkel gepensioneerden, mensen die voor 4/5e of meer tewerkgesteld zijn en zelfstandigen maken aanspraak om verenigingswerk te doen. Werklozen, mensen met een leefloon, maken geen aanspraken. Hetgeen dubbel is, want nemen zij die werken de springplank van zij die geen werk hebben en een opstart zoeken, niet af?

Iedereen kan vrijwilligerswerk doen. Vrijwilligerswerk is onbezoldigd, dus kan er geen concurrentie onderling ontstaan. Bij verenigingswerk wel, omdat men kan ‘shoppen’ tussen organisaties die verenigingswerk aanbieden en er al dan niet royaal voor betalen.

Positief vs. negatief

Over welke zaken moeten we waken?

- De meeste Vlamingen doen aan vrijwilligerswerk met een intrinsieke motivatie. Bij verenigingswerk zou een financiële motivatie primeren.
- Voor de uren verenigingswerk die je verricht, bouw je geen sociale rechten (bijvoorbeeld pensioen) op.

En waarmee mogen we best tevreden zijn?

- Voordien bestond er geen interessant stelsel om sprekers, trainers, amateurkunstenaars te betalen en bleef dit telkens in een grijze zone. Hier komt nu een alternatief voor.

De organisatie in kwestie heeft zelf de keuze om in te stappen in het stelsel van verenigingswerk, en betaald ook zelf de kosten ervan. In praktijk wil dit zeggen dan enkel kapitaalkrachtige organisaties hiervan gebruik kunnen maken.Een burger die bijklust bij een vereniging, hoeft zelf geen aangifte te doen. Het is aan de vereniging om zijn dienst aan te geven.

Benodigde documenten

- Voorbeeld overeenkomst
- De vereniging moet een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid en een verzekering lichamelijke schade hebben. De polisnummers moeten in de overeenkomst vermeld worden.

Nog enkele onduidelijkheden

- Is de arbeidswet van toepassing?
- En kwaliteitsbewaking?
- …

Hier kan je de lijst van toegestane activiteiten terugvinden.

Hier vind je alle info over diverse wetgeving en beleid, met extra duiding.
Zoek via het alfabetisch register of gebruik de zoekfunctie.